Zwitserse melkveehouders worden beschermd door hun overheid maar sterven toch uit

Wil jij begrijpen wie de boer is en waarom hij in crisis verkeert? Kom dan met me mee op zoek naar de makers.

Aangenaam, mijn naam is Maurice van der Spek. Ik heb de afgelopen jaren een reis door de Nederlandse voedselsector gemaakt. Van achter mijn supermarktkarretje tot op het erf van de boer.

Op opzoeknaardemakers.nl kun je mijn reis meebeleven. Van begin tot eind, maar ook per hoofdstuk.

Mijn reis onderneem ik als onafhankelijk journalist en kan die niet afleggen zonder de steun van mijn partners: particulieren die mijn werk maandelijks financieel ondersteunen. Ook partner worden? Klik dan hier. Voel je ook vrij om een eenmalige donatie te doen.

Dacht ik even het ei van Columbus gevonden te hebben: Zwitsers die hun melkveehouders een eerlijke prijs betalen. Niets blijkt minder waar. In Zwitserland stopt de één na de andere melkveehouder – 652 in 2020, op een totaal van 19.048 – omdat de melkprijs te laag is en boerenjongeren niet staan te trappelen om hun ouders op te volgen. “Als het zo doorgaat is er over dertig jaar geen melkveehouder meer over”, zegt Heinz Minder, die voor ZMP – de vereniging van Zwitserse melkproducenten – de prijs van melk analyseert.

In het kort

Tijdens mijn zoektocht naar een duurzame én eerlijke prijs voor melk wordt er van meerdere kanten naar Zwitserland gewezen als de plek waar melkveehouders nog een inkomen overhouden aan hun werk, beschermd door importheffingen en subsidies. Klopt dat? Heinz Minder, melkprijsanalist voor de Zwitserse vereniging van melkproducenten, ziet het aantal melkveehouders juist snel achteruit hollen. Zwitserse consumenten willen nogal eens uitwijken naar het buitenland om goedkoper uit te zijn.

op zoek naar de makers

Ik ben op zoek naar de makers van de producten in onze winkelmandjes. Ik heb mijn zoektochten hier voor je op een rijtje gezet:

logo-square@4x edit1

Wat doe je als je in Zwitserland een interview met een Nederlandse melkveehouder zit uit te werken en je de één na de andere verwijzing naar dat land voorbij hoort komen? Dan ga je een interview regelen, nu je er toch bent.

Zwitsers zijn toegankelijk, zo blijkt. Al de volgende dag zit ik aan tafel bij de man die zich voor de Zwitserse vereniging van melkproducenten bezighoudt met prijsontwikkelingen in de zuivelindustrie, nadat hij eerder zelf als biologisch melkveehouder werkte. “Na een aantal jaar fulltime te hebben geboerd heb ik de zaak verhuurd aan de buurman. Maar af en toe wil ik nog eens helpen met grasmaaien.”

Op bezoek bij Heinz Minder (rechts) met een spectaculair uitzicht over Bern, Zwitserland.

Een economie die geen deel uitmaakt van de Europese Unie

Heinz Minder neemt mij mee in de werking van een economie die geen deel uitmaakt van de Europese Unie. “De Zwitserse zuivelindustrie onderscheidt een ‘gele’ en ‘witte’ lijn”, legt hij uit tijdens een lunch met spectaculair uitzicht over Bern. Heinz doelt op respectievelijk kaas en melk. “Gele lijnsproducten worden vrij verhandeld met de Europese Unie, maar de witte lijn is onderhevig aan restricties. Iedereen die buitenlandse melk wil verkopen betaalt een importheffing aan de grens.”

De importheffing verklaart waarom Zwitsers nauwelijks buitenlandse melk drinken: 25 miljoen kilogram in 2020, waar Zwitserse boeren voor melkconsumptie alleen samen 3405 miljoen kg produceerden. Van witte lijnsexport is nog minder sprake: 2,5 miljoen kilogram in 2020.

zoek je met me mee?

Ik ben op zoek naar de makers van ons eten. Laat je je e-mailadres achter? Dan houd ik je op de hoogte over mijn zoektocht.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Het kaasverhaal is anders. En dat is ook best logisch. Kazen – in tegenstelling tot melk – hebben ieder hun eigen karakter. Nederlanders eten op z’n tijd graag een stukje Gruyère en Zwitsers onze Edammer. Kaasmakers hoeven niet zo bang te zijn dat hen de loef wordt afgestoken.

Grove subsidies

Ten opzichte van Nederlandse en andere Europese melkveehouders worden Zwitserse melkveehouders grof gesubsidieerd. Maar toch stopt ieder jaar weer een groot aantal van hen. In 2020 652; er bleven er 18.396 over. Het gemiddeld aantal koeien op een Zwitserse melkveehouderij is 27,5 (16,2 in 2000 en 21,7 in 2010), een bedrijf produceert gemiddeld 180.000 kilogram melk per jaar (2000: 81.500; 2010: 127.000) en het aantal bedrijven dat jaarlijks meer dan een miljoen kilogram produceert is in 2020 toegenomen van 69 naar 78.

Het is precies dezelfde trend die je in Nederland ziet, zij het op kleinere schaal. Het aantal boeren neemt af en de bedrijven die overblijven, produceren steeds meer.

Nóg goedkoper uit over de grens

Het is toch een beetje een teleurstelling. Zelfs subsidies en importrestricties kunnen melkveehouders niet redden van de ondergang. Hoe komt dat? Heinz Minder vertelt dat een deel van de Zwitsers net over de grens in het buitenland winkelt omdat producten daar goedkoper zijn.

“Voor een groot deel van de Zwitserse consumenten is het buitenland dichtbij. Net over de grens, waar producten goedkoper zijn, bestaan speciaal voor Zwitsers ingerichte winkelcentra. Dit leidt tot prijsdruk op de Zwitserse detailhandel.”

Heinz Minder: “Voor veel Zwitserse consumenten zijn buitenlandse winkelcentra, waar producten veel goedkoper zijn, dichtbij.”

Waardeer je mijn werk?

Doe dan een duit in het zakje van de maker ervan…

…of deel mijn zoektocht met anderen:

Voor dit artikel is door niemand betaald. Zo kun jij het gratis lezen en werk ik onafhankelijk van wiens belang dan ook. Waardeer je mijn werk? Doe dan een duit in het zakje van de maker ervan.

Beelden: Maurice van der Spek. Hoofdbeeld: op bezoek bij een melkveehouderij in de buurt van Stans, Zwitserland.